Beheerskennis

Het Koninklijk Besluit van 21 oktober 1998 dat de beheerskennis regelt, is nog steeds van toepassing. Het nieuwe KB verandert hier dus niets aan. Hierna volgt een samenvatting van de reglementering aangaande de beheerskennis.

1.1 Wie moet de kennis van bedrijfsbeheer bewijzen?

In een éénmanszaak
ofwel
• het ondernemingshoofd
• de echtgeno(o)t(e)
• de 3 jaar samenwonende partner
• de natuurlijke persoon die het dagelijks beheer/ bestuur daadwerkelijk gaat uitoefenen:
o bediendecontract onbepaalde duur vereist
o zelfstandig helper

In een vennootschap
• door de natuurlijke persoon die het dagelijks bestuur in de vennootschap daadwerkelijk zal uitoefenen. In de meeste gevallen is dat de zaakvoerder (in een BVBA) of de gedelegeerd bestuurder (in een NV).

1.2 Hoe aan de kennisvereisten voldoen?

Uw kennis van bedrijfsbeheer bewijst u ofwel aan de hand van bepaalde diploma’s of akten, ofwel door praktijkervaring.

• Als u bijvoorbeeld in het secundair onderwijs een getuigschrift over de basiskennis van het bedrijfsbeheer hebt behaald, of als u een diploma van het hoger onderwijs bezit, bewijst u de basiskennis van het bedrijfsbeheer.
• Beschikt u niet over de nodige akten/getuigschriften, dan kan u een basiskennis bedrijfsbeheer ook bewijzen door praktijkervaring (van 3 of 5 jaar binnen de 15 jaar die de aanvraag voorafgaat).
• Kan u niet de juiste diploma's voorleggen en kan u evenmin praktijkervaring bewijzen, dan is een mogelijk alternatief dat u een examen aflegt bij de Centrale Examencommissie. Als u slaagt, krijgt u een getuigschrift.

Federale Overheidsdienst Economie, KMO, Middenstand en Energie
Bestuur voor het KMO-beleid
Centrale Examencommissie
WTC III – 26ste verdieping
Simon Bolivarlaan 30
1000 Brussel
De heer Patrick De Cooman: tel. 02/277.74.48 – fax 02/277.53.63
Mevrouw Godelieve Van Keymeulen: tel. 02/277.69.20
e-mail:
jury@mineco.fgov.be

1.3. Wanneer is geen bewijs van de basiskennis bedrijfsbeheer nodig?

Er moet geen bewijs van de basiskennis bedrijfsbeheer geleverd worden door :
• de overlevende echtgeno(o)t(e)
• de minstens 6 maanden samenwonende partner van de overledene
• de overlevende wettelijke samenwonende;
• de vennootschap die via haar zaakvoerder of orgaan zelf voldeed en wanneer diens overlevende echtgenoot of wettelijk samenwonende, of overlevende partner die sinds minstens zes maanden samenwoont, zelf zaakvoerder of orgaan is;
• de kinderen van het in orde zijnde ondernemingshoofd gedurende 3 jaar volgend op het overlijden (of indien ze minderjarig zijn vanaf hun 18de verjaardag);
• de overnemers gedurende 1 jaar volgend op overdracht
• de personen die voor 10/02/1998 waren ingeschreven in het handelsregister of ambachtsregister.

Wanneer de persoon die de basiskennis van het bedrijfsbeheer en/of de beroepsbekwaamheid bewijst, de onderneming verlaat, heeft de onderneming zes maanden de tijd om de toestand regulariseren.

Tip! Ga bij het ondernemingsloket langs om te weten of jouw diploma, getuigschrift, ervaring - of van een derde aangestelde-, volstaat om de basiskennis bedrijfsbeheer aan te tonen van één of meer gekozen clusters.





www.bouwunie.be    |    www.internetzakboekje.be     |    www.bouwunie-enquete.be      |    www.bouwunie-duurzaambouwen.be   
Bouwunie 2007